OBS Den Bussel

Laatst gewijzigd

05-12-2017 - Sinterklaas 2017
01-12-2017 - Jarige Jobussen
04-10-2017 - Schoolkamp 2017
13-07-2017 - Poetsbal 2017
13-07-2017 - Duinendag 2017
13-07-2017 - Eindmusical 2017
10-07-2017 - Schoolverlaters
25-04-2014 - Flashmob

De zorg voor de leerling



Het leerlingvolgsysteem / toetsen

Onze school legt een grote prioriteit bij het volgen van de leerlingen tijdens hun schoolloopbaan.

Zowel de ontwikkelingen op didactisch gebied, als op pedagogisch/sociaal gebied worden getoetst en/of geobserveerd en genoteerd in het leerlingendossier. Alle kinderen worden enkele keren per jaar getoetst op didactisch gebied.

Op school werken we met de toetsen uit het Cito leerlingvolgsysteem. We hebben besloten om alle bruikbare toetsen hiervan aan te schaffen op het moment dat ze uitgegeven worden. De verwerking van de toetsgegevens vindt plaats in ESIS-B.

Door het jaar heen worden in de diverse groepen natuurlijk de methodegebonden toetsen afgenomen en geadministreerd

In groep 8 wordt in november het drempelonderzoek afgenomen. De centrale eindtoets wordt afgenomen van 17 t/m 19 april 2018. De school heeft ervoor gekozen om de centrale eindtoets van het Cito te gebruiken. Alle problemen welke naar voren komen tijdens de toetsperiode (of op een ander tijdstip) worden verder besproken tijdens de groepsbespreking met de intern begeleider. Als een leerling de school verlaat (naar vervolgonderwijs, Speciaal Onderwijs, andere basisschool ) wordt er een onderwijskundig rapport gemaakt.

De school hanteert een leerlingvolgsysteem voor sociaal-emotionele ontwikkeling (SCOL). Het wordt gebruikt voor alle leerjaren.

Van iedere leerling wordt er een digitaal leerlingendossier bijgehouden waarin alle relevante gegevens over het kind worden bewaard. Het door de ouders ingevulde inschrijfformulier wordt centraal bewaard.

Deze gegevens zijn voor ouders toegankelijk / ter inzage. Gegevens uit het leerlingendossier worden niet zonder toestemming van de ouder(s) aan derden verstrekt.


Zindelijkheidsprotocol

Op het moment dat uw kind start op Den Bussel, is het van belang dat uw kind zindelijk is. We maken hieromtrent de volgende afspraken met ouders / verzorgers:

Preventief:

    Bij aanmelding van een nieuwe leerling in groep 1-2 informeren we naar zindelijkheid.

    Indien de leerling nog niet zindelijk is geven we het telefoonnummer van Thebe / jeugdzorg. Deze instelling kan ouders / verzorgers ondersteunen bij problemen met zindelijkheid.

    Tijdens de bezoekochtenden informeert de groepsleerkracht naar de zindelijkheid. Is het kind nog niet zindelijk, dan wordt opnieuw het telefoonnummer van Thebe doorgegeven.

Vaste schoolafspraken:

    Een leerling mag niet met luier of trainer naar school komen. (medische indicaties vormen hierop een uitzondering)

    Het niet zindelijke kind mag hele dagen naar school komen, indien een ouder, of eventuele vervanger, de gehele dag beschikbaar is om het kind, indien nodig, te komen verschonen.

    Als men niet bereikbaar is ten tijde van een “ongelukje” volgt een gesprek met de directie en groepsleerkracht.

    Het eerste “plas-ongelukje” wordt door de leerkracht opgelost. Bij ontlasting of het tweede en volgende “plas-ongelukje” worden ouders of vervangers gebeld.

Passend onderwijs

Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Primair Onderwijs 30 – 10

Vanaf 1 augustus 2014 hebben alle scholen in Nederland de wettelijke taak om passend onderwijs vorm te geven. Het is de bedoeling dat alle leerlingen daarvan gaan profiteren. Maar vooral voor leerlingen die net even wat extra’s nodig hebben is een passende onderwijsplek van het grootste belang.

De kracht van passend onderwijs is dat scholen nog meer dan nu het geval is met elkaar gaan samenwerken en de krachten bundelen. Daarom maakt iedere school deel uit van een samenwerkingsverband passend onderwijs. Voor uw school is dat het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Primair Onderwijs 30-10 (Samenwerkingsverband PO 30-10).

Dit samenwerkingsverband is een stichting opgericht door de besturen van de scholen voor primair onderwijs in de gemeenten Aalburg, Heusden, Loon op Zand en Waalwijk en de besturen voor speciaal onderwijs in Oisterwijk Tilburg en ‘s Hertogenbosch. In totaal gaan zo’n 60 scholen voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs intensiever samenwerken met elkaar. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de website: www.swvpo3010.nl.

Het Samenwerkingsverband PO 30-10 wil dat alle leerlingen een passende plaats in het onderwijs krijgen. Dat wil zeggen: zo dicht mogelijk bij huis, aansluitend op de mogelijkheden van het kind en in overeenstemming met de wensen van de ouders.

Zorgplicht

Vanaf 1 augustus 2014 worden de besturen verantwoordelijk voor de uitvoering van de zorgplicht. Dat is in de wet geregeld. Het betekent dat scholen alles moeten doen om aan ieder kind goed onderwijs te geven. Het kan echter zijn dat de ondersteuningsbehoefte van een kind voor een school te groot is. De school heeft alles al gedaan wat mogelijk was, maar het lukt niet om het kind echt te ondersteunen. Op dat moment moet de school op zoek naar een school die wel in staat is om de gevraagde ondersteuning te bieden. Uiteraard worden ouders daarvan uitgebreid op de hoogte gehouden. Het is de bedoeling dat door de zorgplicht alle leerlingen op een passend plaats onderwijs krijgen. Geen kind tussen wal en schip!

De ouders

Het belang van een goede samenwerking tussen school en ouders wordt onderstreept. Vooral voor leerlingen met een ondersteuningsvraag is een goede samenwerking van het grootste belang. Alle scholen willen op een open en eerlijke manier communiceren met de ouders.

De scholen zien de ouders als educatief partner. Daarbij gaan wij uit van een wederzijdse betrokkenheid van ouders en school om de schoolloopbaan van het kind te ondersteunen. In een gelijkwaardige relatie worden beslissingen ten aanzien van het kind gezamenlijk genomen, uiteraard met inachtneming van de verschillende eindverantwoordelijkheden van ouders en school.

Kortom: ouders en school hebben elkaar hard nodig bij de vormgeving van passend onderwijs.

Basisondersteuning

Onze school heeft in de afgelopen jaren al veel gedaan als voorbereiding op de invoering van passend onderwijs. Op iedere school van het samenwerkingsverband staat de zorg voor leerlingen centraal. De scholen in het samenwerkingsverband hebben afspraken gemaakt over wat in ieder geval iedere school in het kader van passend onderwijs uitvoert. Dat noemen we de basisondersteuning. We noemen dan thema’s als: leerlingvolgsysteem, het zo vroeg mogelijk signaleren van problemen, omgaan met verschillen tussen leerlingen, het geven van gedifferentieerde instructie, het voorkomen van pesten, samenwerking met instellingen voor jeugdhulp, het werken met een ondersteuningsteam e.d.

Extra ondersteuning en aanmelding

Het kan zijn dat het met uw zoon of dochter niet gaat zoals u dat wenst. Als de school in het kader van de basisondersteuning alles heeft gedaan wat mogelijk is dan moet de school een beroep kunnen doen op extra ondersteuning en middelen. Die middelen zijn beschikbaar bij het Samenwerkingsverband PO 30-10. Door een aanmelding bij de Toelaatbaarheids- en adviescommissie (TAC) kan de school een aanvraag indienen voor extra ondersteuning. Het is bedoeling dat de TAC maatwerk gaat leveren en precies gaat aangeven wat de school en het kind nodig hebben. De TAC en daarmee het Samenwerkingsverband PO 30-10 stelt de school middelen en/of menskracht ter beschikking om meer passend onderwijs voor deze leerling mogelijk te maken. Wij noemen dat een arrangement. De school vraagt dat arrangement aan bij de TAC. Een arrangement kan ook aangevraagd worden bij de Commissie van Indicatiestelling (CVI) van de clusterscholen.

Het kan ook zijn dat de ondersteuningsbehoefte van uw zoon of dochter te groot zijn voor het regulier onderwijs. Samen met de ouders, de huidige school en de leden van de TAC wordt dan gekeken naar een plaats op het speciaal basisonderwijs of het speciaal onderwijs. Daarvoor is een toelaatbaarheidsverklaring voor nodig.

Ontwikkelingsperspectief

Als de school extra ondersteuning (middelen en/of menskracht) ontvangt van het Samenwerkingsverband PO 30-10 dan moeten dat op een goede manier worden ingezet. Daar is een plan voor nodig. Dat plan heet een Ontwikkelingsperspectief.

De school schrijft in dat plan hoe zij de extra ondersteuning gaat inzetten bijvoorbeeld door nieuwe leermiddelen in te zetten, meer individuele begeleiding te geven of door steunlessen. De school is verplicht met de ouders overleg te voeren over dat plan en u moet het er natuurlijk mee eens zijn.

Bij conflict of geschil

Uiteraard is het denkbaar dat u als ouder het niet eens bent met een maatregel over uw kind. Uiteraard is dan de eerste stap dat u in contact treedt met de schoolleiding en uw standpunt kenbaar maakt. We hopen allemaal dat het dan lukt om het probleem op te lossen. Indien dat niet lukt, is het denkbaar dat een bemiddelaar of ‘een derde persoon’ wordt ingeschakeld. Dat kan bijvoorbeeld een van de onderwijsconsulenten zijn. De overheid heeft extra middelen hiervoor ter beschikking gesteld en via de site:

www.onderwijsconsulenten.nl kun in contact komen met deze organisatie.

De school zelf is voor de behandeling van klachten tevens aangesloten bij een onafhankelijke klachtencommissie. Deze commissie onderzoekt de klacht en beoordeelt of deze gegrond is. De klachtencommissie brengt advies uit aan het schoolbestuur en kan aan haar advies aanbevelingen verbinden. 

Het kan ook zijn dat u het niet eens bent met een beslissing van de TAC van het Samenwerkingsverband PO 30-10. Het Samenwerkingsverband PO 30-10 zelf heeft een adviescommissie van deskundigen samengesteld. Deze commissie adviseert over bezwaarschriften betreffende beslissingen van het samenwerkingsverband over de toelaatbaarheid van leerlingen tot het speciaal onderwijs. Indien u hiervan gebruik wenst te maken verzoeken wij u contact op te nemen met het Samenwerkingsverband PO 30-10.

Voor meer informatie over de landelijke klachtenregelingen in het kader van passend onderwijs verwijzen wij u naar de site: www.onderwijsgeschillen.nl/passend-onderwijs/

Stappen in de zorgverbreding op school

Indien extra ondersteuning nodig is voor uw kind, bijvoorbeeld op het gebied van motoriek (bewegen), de spelling, de concentratie, het geheugen, de werkhouding, het rekenen, de taal, het gedrag, enz., zal een groepsleerkracht zich beraden welke aanpak het beste zal werken.

Als de problemen ernstiger zijn en niet een, twee drie verdwijnen, wordt de hulp ingeroepen van de Interne Begeleider (IB-er) Op onze school zijn dat juffrouw Miep Stikvoort (groepen 1/2en 3) en juffrouw Anja Feenstra (groepen 4 t/m 8). In een dergelijke situatie kan de IB-er besluiten om een extra toets af te nemen om te kijken waar de problemen precies zitten. De IB-er zal in samenspraak met de groepsleerkracht met behulp van speciaal daarvoor aangeschafte leermiddelen uit de orthotheek (kast of ruimte waarin speciale boeken en leermiddelen worden opgeborgen) een nieuw plan ontwikkelen om de betrokken leerling zo goed mogelijk te helpen. Na verloop van enkele maanden wordt in gezamenlijk overleg, in een leerlingbespreking de voortgang besproken, maar ook of de speciale aanpak voldoende effect heeft gehad.

Als ondanks alle extra inspanningen de resultaten onvoldoende blijven, wordt ouders geadviseerd om hun kind bij een externe instantie te laten onderzoeken. Informatie over deze externe onderzoeksbureaus kan door school worden verstrekt. Aan de hand van de gegevens uit een eventueel onderzoek bekijkt de school samen met de ouders of de school de juiste zorg kan bieden. Wanneer ook dan voldoende resultaten uitblijven, kan de school een beroep doen op extra ondersteuning en middelen van het samenwerkingsverband. (zie extra ondersteuning en aanmelding / hoofdstuk Passend Onderwijs).

Onderwijszorgprofiel

In 2011 heeft het samenwerkingsverband Over Maas en Duin opdracht gegeven aan het Seminarium voor Orthopedagogiek om het onderwijszorgaanbod binnen het samenwerkingsverband in beeld te brengen. Doel hiervan was om zicht te krijgen in hoeverre het onderwijsaanbod binnen het samenwerkingsverband dekkend is voor alle kinderen. Voor alle scholen binnen het samenwerkingsverband is een onderwijszorgprofiel opgesteld. Een onderwijszorgprofiel geeft aan welk aanbod aan onderwijs, zorg en ondersteuning een school haar leerlingen (met speciale onderwijsbehoeften) kan bieden. Ook voor onze school is dit opgesteld. Op basis van het opgestelde zorgprofiel is de conclusie dat onze school het best past binnen het zorgprofiel van een “smalle zorgschool”.

Het team heeft de ambitie uitgesproken om dit profiel verder te ontwikkelen binnen de school.

De rapportage van het Seminarium voor Orthopedagogiek is op school ter inzage.

Integraal kindcentrum

In het schooljaar 2013-2014 heeft een herbezinning plaatsgevonden over de ontwikkeling van de Brede School. Voor de nieuwe LEA-periode zal worden ingezet op de ontwikkeling van integrale kindcentra 0-12 jaar. In een kindcentrum gaat de school verbindingen en samenwerking aan met instanties die werken voor kinderen in de leeftijdsgroep 0 tot 12 jaar in de directe omgeving van de school. Alle basisscholen in onze gemeente zullen zich gaan ontwikkelen tot integraal kindcentrum.

Vanuit de Brede school heeft Den Bussel al veel verbindingen met instanties die werken voor kinderen in de leeftijdsgroep 0 tot 12 jaar. Instanties waarmee wordt samengewerkt zijn o.a.:

  MIKZ (organisatie voor buitenschoolse opvang / peuterspeelzaal)

  Stichting Juvans  (Maatschappelijk werk)

  Wijkcordinator Kaatsheuvel West (Jaqueline de Bekker)

  Stichting Contour / De Twern (welzijn)

   Gemeente Loon op Zand

  Buurthuis Pannenhoef

  Bibliotheek

   Activiteitendentrum "De Rode Loper"

  GGD

  De werkgroep kindcentrum heeft een plan van aanpak opgesteld voor het schooljaar 2017-2018 met samenwerkingspartners m.b.t. ontwikkeling tot integraal kindcentrum. In het plan van aanpak zijn activiteiten opgenomen m.b.t. de volgende beleidsterreinen:

o   0 -6 jarigen. De school heeft samen met peuterschool De Rode Loper activiteiten opgezet m.b.t. verdere samenwerking en afstemming

o   Pedagogisch klimaat. Met de samenwerkingspartners proberen we het pedagogisch handelen af te stemmen. Zo zullen o.a. de pestprotocollen op elkaar worden afgestemd.

o   Relatie school – buurt. Samen met het buurthuis Pannenhoef en dienstencentrum De Rode Loper worden activiteiten voor kinderen georganiseerd. Zo zal buurthuis Pannenhoef voor kinderen van Den Bussel op vrijdagmiddag na school knutselmiddagen organiseren.

o   Dit schooljaar zullen we u over alle activiteiten informeren via de ouderinformatiebrief, de website en onze facebookpagina.

Wijkteams

In gemeente Loon op Zand zijn er 3 wijkteams: Loon op Zand, Kaatsheuvel-Oost, Kaatsheuvel-West/De Moer. Ieder wijkteam bestaat uit medewerkers van: gemeente Loon op Zand, Casade, politie, ContourdeTwern Loon op Zand, Juvans, Thebe, Maasduinen, Kompaan en de Bocht en de GGD. Kijk voor meer informatie op de website van de wijkteams: www.samenwerkenaandewijk.nl

Schoolmaatschappelijk Werk

Op vierjarige leeftijd gaat uw kind naar de basisschool. In deze periode maakt hij een belangrijke fase in zijn leven door. Hij gaat de wereld om zich heen verkennen. Hij groeit op van kleuter naar puber. Die ontwikkeling verloopt niet altijd vlekkeloos. Soms is aan het gedrag van het kind te zien dat het niet goed met hem gaat. Soms laat hij op een andere manier weten dat hem iets dwars zit.

Omdat deze fase vormend is voor het karakter en het verdere leven, is er op de scholen naast de aandacht voor het leren en de educatieve ontwikkeling, ook aandacht voor psychische, sociale en emotionele groei. Immers een kind dat zich lekker voelt, kan veel gemakkelijker leren dan een kind dat problemen heeft. Wellicht biedt het schoolmaatschappelijk werk een oplossing.

Waarom schoolmaatschappelijk werk?

Wanneer u als ouder/verzorger zich zorgen maakt over uw kind, kunt u daar over praten met de leerkracht. U kent het kind het beste en vaak komt u er met de leerkracht wel uit. Als er zorgen blijven, kunt u een afspraak maken met de schoolmaatschappelijk werkster.

Voorbeelden van vragen:

   Uw kind is bang, agressief, onzeker, faalangstig;

   Uw kind is lusteloos of druk;

   Uw kind heeft voortdurend ruzie, wordt gepest;

   Uw kind heeft problemen met het verwerken van een schokkende gebeurtenis, bijvoorbeeld echtscheiding, ziekte, verlies, verhuizing.

Er kunnen ook vragen spelen over de opvoeding:

   U weet niet meer hoe u met uw kind kunt omgaan of u heeft het gevoel dat u er alleen voor staat.

   U beleeft geen plezier meer aan uw kind of u worstelt met uzelf, uw relatie.

Ook de leerkracht van school kan zorgen hebben over uw kind. De leerkracht zal daar met u over praten. Soms zal de school constateren dat er professionele hulp nodig is. De school en de leerkracht zullen dan met uw toestemming de schoolmaatschappelijk werkende inschakelen. Zij zal in overleg met u bekijken wat de beste hulp voor uw kind is.

Samen wordt er naar een oplossing gezocht. De schoolmaatschappelijk werkende kan adviezen geven aan u, uw kind en de leerkracht.

Onze schoolmaatschappelijk werkster is Susan Mutsaers. Ze is bereikbaar via school of via Algemeen Maatschappelijk Werk Stichting Juvans

Het adres is: Jacob Ruijsdaelstraat 14

5171 XH Kaatsheuvel

0416-675710

Doorstroming naar het voortgezet onderwijs

Een belangrijke stap in de schoolloopbaan van een leerling is de stap naar het voortgezet onderwijs. Door middel van een zorgvuldige procedure willen we dit zo verantwoord mogelijk doen. Deze procedure is vastgelegd in een protocol. Dit ligt ter inzage bij de directie op school.

Tijdens de algemene ouderavond van leerjaar 7 en 8 op 13 november 2017 worden de ouders op de hoogte gebracht van de mogelijkheden voor vervolgstudies. In deze maand wordt een intern advies m.b.t. de schoolkeuze voorbereid. Dit gebeurt op basis van de CITO entreetoets, overige toetsen uit het leerlingvolgsysteem, het drempelonderzoek en de rapportage van de leerkrachten van groep 7 en 8. In november vinden de rapportgesprekken plaats met de ouders. De ouders maken in dit gesprek ook hun voorlopige keuze kenbaar. In december stelt de school het advies vast. Dit advies wordt voorbereid door de directie, IB-er en de leerkrachten van de groepen 6,7 en 8. In januari vindt het adviesgesprek met de ouders plaats en wordt het advies van de school kenbaar gemaakt. In overleg met de ouders wordt een schoolkeuze gemaakt. Eindverantwoordelijkheid voor de schoolkeuze ligt bij de ouders.

De ouders melden hun kind aan bij de school voor voortgezet onderwijs.

Eind van het schooljaar 2016-2017 zijn 35 leerlingen uitgestroomd naar het voortgezet onderwijs. De Cito-eindtoets gaf een score van 540,2 . De score ligt boven de norm (535,1) die hiervoor door inspectie aan de school wordt gesteld. De score valt binnen de boven- en ondergrens die door inspectie wordt gehanteerd. Onze leerlingen stromen uit naar de volgende vormen van voortgezet onderwijs:

VMBO-B/K:               2,9%           (1 lln)

VMBO-G:                   2,9%           (1 lln)

VMBO T:                  14,5%           (5 lln)
VMBO T/H:               5,8%            (2 lln

HAVO:                  37,7%           (13 lln)

HAVO/VWO:         17,4%          (6 lln)

VWO                     20,3%           (7 lln)

GGD

Bij de aanvang van de basisschoolperiode wordt de zorg voor uw kind van het consultatiebureau overgenomen door de GGD, afdeling jeugdgezondheidszorg (JGZ). Aan onze basisschool is een team van de GGD verbonden bestaande uit:

Jeugdarts                       (mw. M. Quik )

Jeugdverpleegkundige       (mw. C. van Oirschot)

GVO medewerker             (mw. M. van den Berg).

Het team wordt verder ondersteund door een jeugdpsycholoog.

De medewerkers hebben als doel een gezonde, lichamelijke en geestelijke ontwikkeling bij kinderen van vier tot negentien jaar te bevorderen.

Wat doet de GGD op deze school:

Onze jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen volgen tijdens vaste contactmomenten de groei en ontwikkeling van uw kind. U ontvangt thuis een uitnodiging voor zo’n contactmoment, dat plaatsvindt op het consultatiebureau bij u in de gemeente. Bij de uitnodiging voor het contactmoment ontvangt u een vragenlijst.

Wat gebeurt er tijdens een contactmoment?

         Als uw kind 5/6 jaar is: De teamassistente meet de lengte en het gewicht, de oren en ogen worden getest en de jeugdarts bespreekt met u de gezondheid en ontwikkeling van uw kind.

         Als uw kind 9/10 jaar is: De jeugdverpleegkundige meet de lengte en het gewicht. Daarna bespreekt zij met u de groei en de ontwikkeling van uw kind. De jeugdverpleegkundige geeft ook de DTP en BMR-vaccinaties. Op www.ggdhvb.nl/mijnkind leest u meer informatie over deze vaccinaties.

Uiteraard kunt u tijdens deze contactmomenten, maar ook tijdens het inloopspreekuur of telefonisch spreekuur, al uw vragen stellen over de ontwikkeling, gezondheid en opvoeding van uw kind.

Samenwerking met school

De jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen onderhouden korte lijnen met school. Als voorbereiding op het contactmoment informeren zij bijvoorbeeld bij de leerkracht of interne begeleider hoe het met uw kind gaat. Onze jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen nemen ook deel aan de Zorg Advies Teams op school

De jeugdverpleegkundige houdt een spreekuur op school voor leerlingen, ouders/verzorgers. U kunt hier terecht voor vragen over o.a. groei, ontwikkeling, lichaamshouding, zien en horen, bedplassen, pesten, lichaamsverzorging, hoofdluis, eet- en slaapgewoonten en andere vragen over opvoeden.

De data van het spreekuur worden bekendgemaakt in de Ouderinfo en op de publicatieborden bij de ingangen.

Naast de bovengenoemde structurele contacten kunnen ouders/verzorgers, leerlingen en leerkrachten bij de afdeling jeugdgezondheidszorg terecht met vragen over gezondheid en opvoeding en voor een onderzoek op verzoek.

GGD hart voor Brabant, telefoonnummer: 0900-4636443.

Hoofdluis

Gedurende het schooljaar wordt op school na iedere vakantie op hoofdluis gecontroleerd. Om hoofdluis op school zoveel mogelijk te voorkomen, hanteren we het hoofdluisprotocol dat is opgesteld door de G.G.D.

In het protocol is de “luizenbrigade” opgenomen. Deze brigade bestaat uit een aantal ouders dat na elke schoolvakantie de kinderen controleert op hoofdluis. Ouders van kinderen waarbij hoofdluis wordt geconstateerd, worden hiervan door de groepsleerkracht op de hoogte gesteld. Ouders die bezwaar hebben tegen het feit dat hun kind(eren) wordt/worden nagekeken door ouders kunnen dit melden bij de directie van school. Deze kinderen worden dan alsnog door de G.G.D. gecontroleerd.

Beleid toelating, schorsing en verwijdering

Voor het beleid m.b.t. toelating, schorsing en verwijdering hanteert Stichting Bravoo het protocol “Toelating en verwijdering in het primair onderwijs” van Vos/ABB.

Dit protocol is op school ter inzage.

Het hoofdluisprotocol ligt ter inzage op school. Informatie hierover kunt u krijgen bij de directie.